Oeso: door groeiende ongelijkheid liep Nederland economische groei mis

De inkomensongelijkheid in de Westerse landen groeit en dat schaadt de economische groei. Dit is niet alleen een probleem voor de armsten, het kost de gehele samenleving veel geld. Door de ongelijkheid liepen we vanaf 1990 gezamenlijk procenten economische groei mis. In Nederland 4,7 procent. Dat blijkt uit onderzoek van de Oeso, de denktank van geïndustrialiseerde landen. Het adviseert de rijke landen het inkomensbeleid te wijzigen ten gunste van economische groei.

Secretaris-Generaal van de Oeso Angel Gurría zei dinsdag bij de presentatie van het onderzoeksrapport: ‘Voor een sterke en duurzame economische groei is het cruciaal om iets te doen aan de ongelijkheid’.

De Oeso, voluit Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, spreekt overigens niet alleen over de allerarmsten. Volgens de denktank is de onderste 40 procent van de bevolkingen in de rijkste Oesolanden achterop geraakt. Het gaat dan dus ook om de lagere middenklasse.

Het is niet alleen schadelijk dat armen minder consumeren, erger is dat ze minder investeren in onderwijs. De sociale mobiliteit neemt af, dubbeltjes worden geen kwartjes meer, met als resultaat dat het menselijk kapitaal van een land afneemt.

Er is inmiddels veel gepubliceerd over de toenemende ongelijkheid. Maar economen worden het maar niet eens over de juiste aanpak. De ene econoom vindt de ongelijkheid juist goed voor economische groei, terwijl de ander het schadelijk noemt. De Oeso besloot daarom zelf een grondige analyse te doen. Het resultaat was kraakhelder: gezamenlijk zijn de Oesolanden vanaf 1990 8,5 procent economische groei per hoofd van de bevolking misgelopen door de groeiende ongelijkheid.

De rijksten werden rijker, maar dat is niet het probleem volgens de Oeso. De kloof die vanaf 1990 verdiepte tussen de onderste 40 procent en de rest van de bevolking zou de Westerse landen zorgen moeten baren.

Regeringen zouden volgens de Oeso beleid moeten ontwikkelen dat gericht is op het opkrikken van de inkomens van de armste 40 procent. Herverdeling via belastingen en uitkeringen kan een effectief instrument zijn, aldus de denktank.

Wanneer 40 procent van de bevolking achterblijft, dat is bijna de helft, is dat op zichzelf al een massieve reden om het inkomensbeleid eens tegen het licht te houden. Maar nu die kloof kennelijk ook nog de o zo gewenste economische groei remt, is het écht tijd voor een koerswijziging.

(Trouw, Z24)

Reageer (max. 100 woorden). Stevige taal mag, maar racistische en bedreigende reacties worden verwijderd.

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.