Gemeenteraad staat door decentralisatie steeds meer buiten spel

Gemeenten ontvangen jaarlijks circa 11 miljard euro extra van het Rijk voor de extra taken die ze vanaf 1 januari uitvoeren. Toch moeten wethouders op zoek naar geld, want de overheveling is tevens een zware bezuiniging. Samenwerken met andere plaatsen biedt uitkomst. Het is efficiënt en goedkoper. De regionale samenwerkingsverbanden functioneren redelijk, als je tenminste niet moeilijk doet over het gebrek aan democratisch toezicht. Want de niet-transparante bestuurtjes nemen verregaande besluiten, maar worden niet of nauwelijks gecontroleerd. Ook niet door de gemeenteraad.

Bijna alle gemeenten werken samen met andere gemeenten om taken regionaal te regelen. Vooral de kleine gemeenten hebben onvoldoende budget om alles zelf te doen. Onderzoek van lokale rekenkamers wijst uit dat inmiddels circa 80 procent van het budget voor jeugdzorg terecht komt bij een regionaal samenwerkingsverband. Maar, wie beslist er eigenlijk over die miljarden?

Opinieblad Vrij Nederland sprak met verschillende lokale politici, waaronder wethouder Jos Roeffen van Oegstgeest. Zijn gemeente neemt deel aan Holland Rijnland, een samenwerking van veertien buurgemeenten. Het bestaat al jaren, maar heeft door de decentralisatie extra gewicht gekregen. De grootste gemeente Leiden domineert. De besluiten die er worden genomen neemt de wethouder mee terug naar zijn gemeenteraad, die er meestal niets meer aan kan veranderen. Roeffen: ‘Dat lijkt me democratisch niet in orde’. De Leidse SP-wethouder Roos van Gelderen: ‘Dit is het duivelse dilemma: of je bent democratisch, of je bent slagvaardig.’

Ook Arnhem werkt samen, met twaalf omringende plaatsen. De gemeenten bespraken eerder dit jaar de nieuwe thuiszorg, maar Arnhem domineerde het overleg en drukte het eigen voorstel door. Dit tegen de zin van een aantal kleintjes, die nu vastzitten aan de thuiszorgorganisatie van Arnhem. Lingerwaard wilde eigenlijk een plaatselijke aanbieder contracteren, maar dat ging dus niet door. Tegen de zin van de Lingerwaardse gemeenteraad, maar het was ‘slikken of stikken’ voor de wethouder.

Hoogleraar economie van decentrale overheden Maarten Allers ziet een democratisch tekort opdoemen. ‘Wat is de praktijk? Dat de belangrijkste besluiten vallen in onduidelijke regio’s en subregio’s’, zegt hij tegen Vrij Nederland. Er liggen volgens hem belangrijke vraagstukken over bijvoorbeeld de lokale zorg waarover de gemeenteraad, de democratisch gekozen volksvertegenwoordiging, straks steeds minder te zeggen heeft. Die besluiten heeft de wethouder dan immers al genomen in zo’n ‘bureaucratisch tussenbestuur’. Allers: ‘Als raadslid sta je niet eens aan de zijlijn, je staat buiten het stadion’.

Allers vindt het gebrek aan transparantie gevaarlijk. ‘Het probleem in Nederland is niet zozeer dat de overheid slecht functioneert, maar dat mensen zich niet gehoord voelen.’ Allers spreekt dan ook van ‘maatschappelijk dynamiet, want zo stabiel zijn we niet’.

(Bron: Vrij Nederland)

Reageer (max. 100 woorden). Stevige taal mag, maar racistische en bedreigende reacties worden verwijderd.

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.